Gemeenteraad

Het bestuur van de gemeente bestaat uit drie bestuursorganen:

  • Gemeenteraad
  • College van Burgemeester en Wethouders (B&W)
  • Burgemeester

De gemeenteraad neemt als hoogste bestuursorgaan de belangrijkste besluiten die door het college worden voorbereid. Denk aan het vaststellen van de begroting, jaarrekening, bestemmingsplannen of verordeningen. Deze besluiten gaan over kaders of uitgangspunten op basis waarvan het college de verdere uitvoering regelt. Maar ook de benoeming en ontslag van wethouders en de griffier behoren tot de bevoegdheden van de gemeenteraad.

Ook het college heeft bepaalde besluitvormende bevoegdheden, zoals het vaststellen van subsidies en verkeersbesluiten. Vervolgens wordt die uitvoering weer gecontroleerd door de gemeenteraad. Het college is onder meer verantwoordelijk voor de financiën van de gemeente op basis van de door de raad vastgestelde begroting. Naast taken die het college zijn opgelegd door de gemeenteraad heeft het college ook eigen taken. Bijvoorbeeld het correct uitvoeren van landelijk vastgestelde wettelijke taken. Indien nodig geeft de raad het college de opdracht om eventueel eerder vastgesteld beleid aan te passen. Populair gezegd: de raad zet de lijnen uit, college voert uit. De raad controleert en stelt eventueel beleid bij, dat weer door het college wordt uitgevoerd.

De burgemeester heeft als zelfstandig bestuursorgaan bevoegdheden op het terrein van de openbare orde en veiligheid, zoals het sluiten van een woning of het instellen van een samenscholings- of gebiedsverbod. Ook is zij voorzitter van het college en voorzitter van de gemeenteraad. 

Taken gemeenteraad
Volgens de gemeentewet heeft de gemeenteraad 3 hoofdtaken.

1. Volksvertegenwoordigen
De kiesgerechtigde inwoners van de gemeente kiezen eens per vier jaar hun volksvertegenwoordigers in de gemeenteraad. Om deze taak goed in te vullen zoeken de fracties in de raad regelmatig contact met de inwoners. Dit doen zij door onder andere het afleggen van werkbezoeken en het organiseren van informatie- en partijbijeenkomsten.

2.Kaderstellen
Zoals hierboven is beschreven stelt de raad kaders of uitgangspunten vast. Bij grote projecten of beleidsvoorstellen wordt vaak gebruik gemaakt van een startnotitie, waarin het college de raad voorstelt een aantal uitgangspunten vast te stellen op basis waarvan het college het raadsvoorstel verder uitwerkt. Met behulp van beeldvormende raadsbijeenkomsten werkt men aan die kaders.
de raad kan ook op eigen initiatief kaders voorstellen met het indienen van moties en amendementen. Als een motie door de meerderheid van de raad wordt ondersteund, is het een opdracht aan het college om die uit te voeren. Een amendement is een wijzigingsvoorstel op een door het college voorgelegd raadsbesluit. Een door de raad aangenomen amendement zal in de regel altijd door het college moeten worden uitgevoerd.

3. Controleren
Het college legt verantwoording af aan de raad over het door hen uitgevoerde beleid in het voorbije jaar met de jaarrekening, maar ook over het lopende jaar met de 1e en 2e bestuursrapportage. Daarnaast heeft de gemeenteraad ook enkele andere instrumenten om het college te controleren. Zo laat de raad zich adviseren door de eigen Auditcommissie, bemand door raads- en burgerleden, en de accountant controleert in opdracht van de raad de jaarrekening en de gemeentelijke boekhouding. Maar ook de onafhankelijke Rekenkamercommissie, waarin raadsleden zitting hebben, doet onderzoek naar het uitgevoerde beleid door het college.

De gemeenteraad werkt met een drietrapsmodel, het BOB-model: beeldvormend, opiniërend en besluitvormend. In de eerder genoemde beeldvormende raadsbijeenkomst worden de eerste ideeën uitgewisseld en haalt het college de nodige informatie bij de raad op om deze ideeën verder uit te kunnen werken. In De Ronde (opiniërend en uiteindelijk adviserend) worden de voorstellen van het college behandeld door raads- en burgerleden die een advies aan de gemeenteraad uitbrengen. De gemeenteraad neemt vervolgens in de raadsvergadering (Het Besluit) een beslissing over het voorstel.

De Rondevergaderingen vinden plaats op dinsdag en woensdag. Dit vindt in de regel elke 4 weken plaats. De raad vergadert op dinsdag. Het vergaderrooster, de agenda en de bijbehorende stukken treft u hier aan.

Het Besluit begint om 20.00 uur, waarin besluiten worden genomen op basis van de adviezen die 4 weken eerder door De Ronde zijn gegeven. Er is onderscheid tussen besluitvorming met en zonder debat (de hamerpunten). Als in De Ronde blijkt dat alle fracties een unaniem positief advies hebben uitgebracht over een raadsvoorstel, wordt dat als hamerpunt op de raadsagenda geplaatst. Daarover zal dan geen inhoudelijke bespreking meer worden gevoerd in de gemeenteraad.

Een week later vindt De Ronde plaats op 1 of 2 avonden, afhankelijk van het aantal agendapunten. Elke ronde begint met een vragenhalfuurtje, waarin ook ruimte is voor inwoners om in te spreken over een bepaald onderwerp.

Na elke Rondebespreking wordt duidelijk wat de standpunten zijn van alle partijen (opinievorming). Dit alles leidt tot advisering aan de gemeenteraad, die 4 weken later een besluit neemt (besluitvorming).

Alle vergaderingen zijn openbaar, dus u bent van harte welkom om die bij te wonen en eventueel een actieve bijdrage daaraan te leveren door gebruik te maken van uw spreekrecht. Dat kan ook over onderwerpen gaan die op die avond niet op de betreffende agenda staan!